Stewart Copeland viert zijn 73e verjaardag
Ritme, Revolutie en Relevantie
Een indrukwekkend moment in een carrière die al bijna vijf decennia voortgestuwd wordt door creatieve drift, ritmische virtuositeit en een ontembare hang naar vernieuwing. Als drummer van The Police leverde hij de basis voor een van de meest invloedrijke bands van de twintigste eeuw, maar zijn artistieke erfenis reikt veel verder dan dat ene hoofdstuk. Copeland is componist, klankonderzoeker, verhalenverteller en muzikale avonturier.
Van CIA-kind tot punkicoon
Copeland werd geboren in Virginia, als zoon van een CIA-agent en bracht zijn jeugd grotendeels door in het Midden-Oosten. Daar ontwikkelde hij een fijnzinnig gehoor voor ritme en klankkleuren. Op zijn twaalfde begon hij met drummen, aanvankelijk geïnspireerd door jazz en klassieke percussie. In de jaren zeventig belandde hij in de Britse muziekscene, waar hij kort speelde bij Curved Air. In 1977 richtte hij The Police op, samen met zanger-bassist Sting en gitarist Andy Summers.
The Police brak al snel internationaal door met hun unieke mix van punkenergie, reggae-invloeden en popgevoeligheid. Copelands drumpartijen – strak, gelaagd, maar altijd melodisch – gaven de band een ritmisch profiel dat niemand anders had. Hij drumde niet achter de muziek aan, maar leidde haar.
Nederland en Vlaanderen: een warme ontvangst
Ook in Nederland en Vlaanderen was de muziek van The Police een regelrechte sensatie. De band scoorde vanaf eind jaren zeventig hit na hit in de Nederlandse Top 40 en de Vlaamse Ultratop. In Nederland werd Roxanne hun eerste notering, gevolgd door een reeks top-10-singles zoals Message in a Bottle (nummer 1 in 1979), Walking on the Moon, Don’t Stand So Close to Me en Every Little Thing She Does Is Magic.
Het absolute hoogtepunt kwam in 1983, toen Every Breath You Take vier weken lang de nummer 1-positie bezette in de Nederlandse Top 40. In Vlaanderen bereikte het diezelfde status en groeide het uit tot een van de meest iconische nummers van het decennium. Ook So Lonely, Invisible Sun en Spirits in the Material World deden het uitstekend in de Vlaamse hitlijsten. The Police werd in de Lage Landen niet alleen gewaardeerd om hun radiohits, maar ook om hun compromisloze liveoptredens, die massaal werden bijgewoond in onder andere Amsterdam, Rotterdam, Antwerpen en Brussel.
Na The Police: componist in duizend gedaanten
Na het uiteenvallen van The Police in 1986 koos Copeland niet voor de veilige weg van de nostalgie. Integendeel: hij begon aan een tweede carrière als componist van filmmuziek, ballet, opera en zelfs videogames. Zijn soundtrack voor de Spyro the Dragon-reeks verwierf cultstatus, en zijn werk voor films als Wall Street en Rumble Fish oogstte brede lof.
Ook schreef hij klassieke composities waarin hij elementen uit wereldmuziek, rock en elektronische muziek samenbracht. Zijn meest recente werk, Wild Concerto, is een ode aan de dierlijke natuur, waarin dierengeluiden versmelten met orkestrale texturen. In plaats van zijn verleden uit te melken, bleef Copeland zichzelf steeds opnieuw uitvinden.
Een man van rituelen en tegenstellingen
Ondanks zijn bruisende artistieke leven, houdt Copeland er een verrassend gestructureerde dagindeling op na: ochtendwandeling, schrijven, componeren, en aan het einde van de dag een beloning in de vorm van een shot tequila. Hij noemt zichzelf geen perfectionist, maar een klankzoeker. “Ik begin gewoon met slaan,” zegt hij over zijn aanpak. “Niet om lawaai te maken, maar om iets te vinden wat nog niet bestaat.”
Zijn creativiteit is speels, maar diepgaand. Hij zoekt de grens op van klank, van ritme, van genre. Soms letterlijk, zoals in zijn filmprojecten in Afrika, soms symbolisch, zoals in zijn muzikale confrontaties met zijn verleden.
Rivaliteit en respect: Sting als sparringpartner
Een vast onderdeel van de mythe rond The Police is de gespannen verhouding tussen Copeland en Sting. De twee waren als tegenpolen – Copeland impulsief en ritmisch, Sting bedachtzaam en melodisch – maar juist die spanning bracht het beste in elkaar naar boven. Tijdens de reünietour in 2007 werden oude conflicten omgezet in professionele reflectie. Vandaag spreekt Copeland met respect over zijn voormalige bandgenoot, al erkent hij dat hun creatieve ego’s beter tot hun recht komen op veilige afstand van elkaar.
Vernieuwing op hoge leeftijd
Hoewel de meeste rocklegendes op hun zeventigste hun erfenis beheren, blijft Copeland vooruitkijken. Hij geeft wereldwijd concerten, schrijft nieuwe muziek en werkt aan een boek voor jonge muzikanten, waarin hij zijn visie op creativiteit, faam en muzikale integriteit deelt. Zijn werk laat zien dat ouder worden geen belemmering is, maar juist ruimte geeft voor verdieping en nuance.
Conclusie
Stewart Copeland is 73, maar leeft met de energie van een debutant. Hij blijft zoeken, verkennen, experimenteren. Zijn werk is nooit af, zijn verhaal nooit uitgespeeld. In Nederland, Vlaanderen en ver daarbuiten blijft hij een bron van inspiratie voor muzikanten, componisten en luisteraars die weten dat ritme niet alleen een kwestie van timing is, maar van visie. Copeland bewijst dat muziek geen eindpunt kent – alleen beweging.
