Biografie vandaag Albert Hammond

Albert Hammond

Zijn naam klinkt misschien minder bekend dan de sterren die zijn nummers zongen, maar zonder Albert Hammond zou de soundtrack van de jaren zeventig en tachtig er heel anders hebben uitgezien. Als singer-songwriter en, vooral, als de pen achter tientallen wereldhits voor anderen, behoort hij tot de meest invloedrijke maar onderschatte figuren uit de popmuziek.

Albert Louis Hammond werd op 18 mei 1944 geboren in Londen. Zijn familie kwam oorspronkelijk uit Gibraltar en was tijdens de Tweede Wereldoorlog naar Engeland geëvacueerd; kort na de oorlog keerde het gezin terug, en Hammond groeide op in Gibraltar. Al vanaf zijn zestiende speelde hij daar in de band The Diamond Boys, waarmee hij optrad in de vroege nachtclubs van Madrid, destijds ook de proeftuin van Spaanse rockpioniers als Miguel Ríos. Groot succes bleef in die jaren uit, maar het legde de basis voor wat volgde.

In 1964 ontmoette Hammond in Madrid de Britse producer Steve Rowland. Die ontmoeting leidde in 1966 tot de oprichting van The Family Dogg, een Britse zanggroep waarin Hammond samen met Rowland, Mike Hazlewood en Pam "Zooey" Quinn de creatieve kern vormde. In 1969 scoorde de groep een top 10-hit in het Verenigd Koninkrijk met A Way of Life. Pas in 1970, op zesentwintigjarige leeftijd, vertrok Hammond naar de Verenigde Staten om zijn sololoopbaan verder vorm te geven, waar hij tekende bij Mums Records, een dochterlabel van Columbia.

Zijn grote doorbraak als soloartiest volgde in 1972 met It Never Rains in Southern California, dat de Amerikaanse top 5 bereikte en wereldwijd een van zijn bekendste nummers werd. Ook nummers als The Free Electric Band, I'm a Train, I Don't Wanna Die in an Air Disaster en 99 Miles from L.A. verschenen in de jaren zeventig op zijn albums en versterkten zijn reputatie als singer-songwriter met een herkenbaar, warm geluid.

Minstens zo belangrijk werd zijn rol achter de schermen. Samen met zijn vaste schrijfpartner Mike Hazlewood schreef Hammond onder meer Little Arrows (een hit voor Leapy Lee in 1968), Gimme Dat Ding (The Pipkins, 1970) en The Air That I Breathe, dat in 1974 wereldwijd een klassieker werd in de uitvoering van The Hollies. Met Carole Bayer Sager schreef hij When I Need You, dat hij zelf al in 1976 opnam voordat Leo Sayer er in 1977 een nummer 1-hit van maakte in zowel het Verenigd Koninkrijk als de Verenigde Staten. Later volgden onder meer To All the Girls I've Loved Before (met Hal David, uitgevoerd door Julio Iglesias en Willie Nelson, 1984), Nothing's Gonna Stop Us Now (met Diane Warren, voor Starship, 1986) en One Moment in Time (met John Bettis, voor Whitney Houston, 1988), dat hem in 1988 een Emmy Award opleverde.

In Nederland vond Hammonds werk eveneens duidelijk gehoor. It Never Rains in Southern California bereikte in 1972 positie 26 in de Nederlandse Top 40, waar het zes weken genoteerd stond. Nog groter was het Nederlandse succes van The Air That I Breathe: de versie van The Hollies klom in 1974 tot de tweede plaats van de Top 40 en bleef daar dertien weken genoteerd staan — een van de grootste hits die op Hammonds naam als schrijver staat, ook in de lage landen.

Naast zijn eigen werk en zijn hits voor anderen is Hammond ook op onverwachte plekken terug te vinden in de muziekgeschiedenis: toen Radiohead in de jaren negentig met Creep doorbrak, kreeg Hammond, samen met Hazlewood, alsnog een co-schrijverscrediet vanwege de melodische gelijkenis met The Air That I Breathe. Zijn zoon, Albert Hammond Jr., zette de muzikale traditie in het gezin voort als gitarist van The Strokes.

De erkenning voor zijn levenswerk bleef niet uit. In 2000 werd Hammond onderscheiden met een OBE, in 2008 werd hij opgenomen in de Songwriters Hall of Fame, en in 2015 ontving hij de Ivor Novello Award voor zijn gehele oeuvre. In 2023 kreeg hij in zijn geboorteland Gibraltar de Lifetime Achievement Award van het ministerie van Cultuur.

Ook later in zijn carrière bleef Hammond actief: in 2005 verscheen het album Revolution of the Heart, in 2010 volgde Legend, met duetten met onder anderen Bonnie Tyler. In diezelfde periode werkte hij intensief samen met de Britse zangeres Duffy, voor wie hij het album Endlessly (2010) mede schreef en produceerde.

Van een tienerband in de nachtclubs van Madrid tot een van de meest gevraagde songwriters van de popindustrie: Albert Hammond bewijst dat de belangrijkste stem achter een hit niet altijd de stem is die je op de radio hoort. Zijn nummers, geschreven voor anderen en voor zichzelf, blijven decennia later nog steeds overal klinken.

Foto: Zie Wikipedia-paginageschiedenis — Wikipedia / Wikimedia Commons.