Cover Top 3 – 1980

1. Jay & The Americans – Cara Mia

Jay & The Americans - Cara Mia

Wie aan “Cara Mia” denkt, hoort waarschijnlijk direct de dramatische, bijna operette-achtige uithalen van Jay Black in zijn hoofd. Toch ligt de oorsprong van dit bombastische liefdeslied ver voor de hoogtijdagen van Jay & The Americans. Het nummer werd in 1954 geschreven door de Britse orkestleider Mantovani, die hiervoor het pseudoniem Tulio Trapani gebruikte, in samenwerking met tekstschrijver Lee Lange — het pseudoniem van producer Bunny Lewis.

De eerste en meest iconische uitvoering kwam van de Britse tenor David Whitfield. Zijn opname, begeleid door het orkest van Mantovani, werd in 1954 een historisch succes. Het nummer nestelde zich destijds maar liefst tien weken op de eerste plaats van de Britse hitlijsten, waarmee het de allereerste Britse plaat was die zo lang onafgebroken de nummer één-positie bezette. Wereldwijd groeide het uit tot een enorme verkoophit; alleen al in de pre-rockperiode werden er miljoenen exemplaren van verkocht. Ook in de Verenigde Staten behaalde Whitfield met dit nummer een top 10-notering, wat in die tijd een zeldzame prestatie was voor een Britse artiest. Het succes van het origineel is grotendeels te danken aan de weelderige orkestratie en de krachtige, klassiek geschoolde stem van Whitfield, die het nummer een bijna theatrale grandeur meegaf die destijds ongekend was in de populaire muziek.

Pas ruim een decennium later, in 1965, besloot de Amerikaanse popgroep Jay & The Americans het nummer in een nieuw jasje te steken voor hun album Blockbusters. Waar het origineel sterk leunde op een traditionele, bijna klassieke ballad-stijl, gaf de groep er een typische jaren zestig pop-draai aan. Onder leiding van de indrukwekkende vocalen van Jay Black — die bewees over een vergelijkbaar operetisch bereik te beschikken als Whitfield — werd deze versie een internationaal succes. De single bereikte de vierde plaats in de Amerikaanse Billboard Hot 100 en veroverde in onder meer Canada de nummer één-positie. Hoewel de uitvoering van Jay & The Americans vandaag de dag misschien wel de bekendste is, blijft het een fascinerende muzikale erfenis die terugvoert naar de tijd van de grote orkestballads uit het midden van de jaren vijftig.

Ik heb hierover veel bronnen bekeken. Desondanks kan er altijd een fout in staan.

2. Don McLean – Crying

Don McLean - Crying

Er zijn nummers die door de jaren heen zo vaak zijn aangeraakt door andere artiesten, dat de oorsprong soms dreigt te vervagen in de mist van de popgeschiedenis. Dat geldt zeker voor het hartverscheurende Crying. Hoewel velen de versie van Don McLean uit 1980 direct herkennen, ligt de ware emotionele blauwdruk van dit meesterwerk bij de legendarische Roy Orbison. Het was in 1961 dat ‘The Big O’, samen met zijn vaste schrijfpartner Joe Melson, de wereld kennis liet maken met dit toonbeeld van dramatische popmuziek.

Het ontstaan van Crying is nauw verbonden met de unieke werkwijze van Orbison en Melson. Volgens de overlevering probeerden ze een nummer te schrijven in de stijl van een bolero, met een stuwende, hypnotiserende beat die de spanning langzaam opbouwde. Orbison, die bekend stond om zijn vermogen om diepe tragiek in zijn stem te leggen, vond in de tekst over een toevallige ontmoeting met een ex-geliefde het perfecte voertuig voor zijn vocale bereik. Toen de single in de zomer van 1961 werd uitgebracht via Monument Records, sloeg deze in als een bom. Het bereikte de tweede plek in de Amerikaanse Billboard Hot 100 en vestigde definitief de reputatie van Orbison als de koning van de emotionele ballade.

Wat Crying zo tijdloos maakt, is de bijna operatie-achtige opbouw. Het nummer begint ingetogen en broeierig, maar barst in het refrein open met de iconische, snijdende uithalen waar Orbison patent op had. Het is een lied dat niet alleen over verdriet gaat, maar het ook fysiek voelbaar maakt. De instrumentatie, met strijkers en die typische galmende gitaarlijnen, versterkt het gevoel van eenzaamheid dat in de tekst besloten ligt. Destijds werd het geprezen om zijn durf; in een tijd waarin de popmuziek vaak vrolijk en onbezorgd moest zijn, koos Orbison voor onversneden melancholie. Het was een gedurfde artistieke keuze die hem niet alleen een enorme hit opleverde, maar ook een plek in het collectieve geheugen van muziekliefhebbers wereldwijd.

Bijna twintig jaar later, in 1980, blies Don McLean het nummer nieuw leven in voor zijn album Chain Lightning. Waar Orbison koos voor een dramatische, bijna filmische productie, koos McLean voor een iets meer ingetogen en folk-georiënteerde benadering. Zijn versie werd een internationale hit en bereikte in veel landen, waaronder Nederland, zelfs de eerste plek in de hitlijsten. Hoewel McLean het nummer op integere wijze eerde, blijft het onmiskenbaar dat de unieke, huilende stem van Roy Orbison de ziel van Crying voor altijd heeft gedefinieerd.

Ik heb hierover veel bronnen bekeken. Desondanks kan er altijd een fout in staan.

3. The Spinners – Working My Way Back to You

The Spinners - Working My Way Back to You

In de rijke geschiedenis van de popmuziek zijn er nummers die meerdere levens leiden, maar het fundament ligt bijna altijd bij een ijzersterk origineel. “Working My Way Back to You” is daar een schoolvoorbeeld van. Het nummer werd in 1966 naar de hitlijsten gebracht door The Four Seasons, de legendarische groep rondom frontman Frankie Valli. Het nummer was het resultaat van een vruchtbare samenwerking tussen het schrijversduo Sandy Linzer en Denny Randell en producer Bob Crewe, die voortdurend op zoek waren naar manieren om de sound van de band actueel te houden.

De tekst van het nummer wijkt opvallend af van de doorsnee liefdesliedjes uit die tijd. In plaats van een onschuldige smekende bede, vertelt de zanger het verhaal van een man die zijn geliefde heeft bedrogen en haar opzettelijk verdriet heeft gedaan. Het is een rauw en eerlijk schuldbekentenis, waarin de protagonist beseft dat hij zijn relatie op het spel heeft gezet en nu bereid is om hard te werken voor een tweede kans. Deze emotionele lading, gecombineerd met een aanstekelijke melodie en het voor de band kenmerkende R&B-georiënteerde blazersgeluid, zorgde voor een tijdloze kwaliteit. Het nummer bereikte de negende plaats in de Amerikaanse Billboard Hot 100 en verscheen in 1966 op het gelijknamige album Working My Way Back to You and More Great New Hits op het label Philips.

Destijds werd het nummer geprezen om zijn ‘money-in-the-bank-sound’, waarbij de interessante baslijnen en strakke arrangementen van Charles Calello de groep naar een hoger niveau tilden. Voor The Four Seasons was het een bevestiging van hun vermogen om met pop-soul elementen het grote publiek te blijven boeien, en het legde een basis die decennia later nog steeds relevant zou blijken.

Hoewel het origineel van The Four Seasons de definitieve versie blijft, kende het nummer in 1979 een spectaculaire heropleving door de Amerikaanse soulformatie The Spinners. Onder leiding van disco-producent Michael Zager transformeerden zij het nummer tot een symfonisch disco-funk epos. Bijzonder aan deze versie is dat het geen pure cover is; de groep combineerde de klassieker met een door Zager geschreven nieuwe bridge, getiteld “Forgive Me Girl”. Deze creatieve ingreep, die het nummer een eigentijds discogeluid gaf en de diepe basstem van Pervis Jackson uitstekend tot zijn recht liet komen, resulteerde in een wereldwijde hit die zelfs de tweede plek in de Amerikaanse Billboard Hot 100 bereikte.

Ik heb hierover veel bronnen bekeken. Desondanks kan er altijd een fout in staan.

Foto van Jay & The Americans: Wikimedia Commons (publiek domein) (https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Jay_and_the_Americans.png)
Foto van Don McLean: Alan Howard, via Wikimedia Commons (CC BY-SA 2.0) (https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Don_McLean.jpg)
Foto van The Spinners: Wikimedia Commons (publiek domein) (https://commons.wikimedia.org/wiki/File:The_Spinners_%281965%29.png)