Emitt Rhodes (The Palace Guard) is overleden
In memoriam: Het verstilde genie van de powerpop
De popwereld verliest een van zijn meest intrigerende, getalenteerde en invloedrijke culthelden. De Amerikaanse singer-songwriter, multi-instrumentalist en producer Emitt Rhodes, de man die eigenhandig de blauwdruk leverde voor de moderne lo-fi en DIY-slaapkamerpop, heeft zijn laatste song voltooid. Hij is vandaag op 19 juli 2020 overleden. Rhodes werd 70 jaar oud en stierf in zijn slaap in zijn geliefde woning in Hawthorne, Californië. Zijn plotselinge overlijden werd bevestigd door zijn goede vriend en producer Chris Price. Met zijn heengaan sluiten we bij Pop Magazine het boek van een muzikant die door critici liefdevol de ‘One-Man Beatles’ werd genoemd, maar die door de meedogenloze muziekindustrie veel te vroeg tot zwijgen werd gebracht.
De vroege jaren: Van The Palace Guard tot The Merry-Go-Round
Geboren op 25 februari 1950 in Decatur, Illinois, verhuisde Rhodes al op jonge leeftijd met zijn familie naar Hawthorne, Californië. De stad die destijds al beroemd was als de thuisbasis van The Beach Boys, zou ook de muzikale broedplaats voor Rhodes worden. Al op veertienjarige leeftijd begon hij zijn professionele carrière als drummer bij de lokale garage-rockband The Palace Guard. Met deze formatie, gehuld in opvallende rode wachtersuniformen, scoorde hij de regionale hit “Falling Sugar”, een nummer dat later een legendarische status zou verwerven op de invloedrijke compilatie Nuggets van Lenny Kaye. Maar Rhodes wilde meer dan alleen de maat slaan. Hij leerde zichzelf gitaar en piano spelen en richtte in 1966 de psychedelische popgroep The Merry-Go-Round op. Als frontman en belangrijkste songwriter leverde hij pareltjes af zoals “Live” en “You’re a Very Lovely Woman”. Hoewel de band slechts één titelloos album uitbracht in 1967 op A&M Records voordat ze in 1969 uit elkaar gingen, was het muzikale genie van Rhodes al onmiskenbaar aanwezig.
Het meesterwerk in de garage: De ultieme doe-het-zelver
Na de breuk met The Merry-Go-Round besloot Rhodes het heft volledig in eigen handen te nemen. Hij bouwde een viersporenstudio in de garage van zijn ouders in Hawthorne en begon daar in alle eenzaamheid te schrijven, arrangeren en opnemen. Het resultaat was zijn titelloze solo-debuutalbum Emitt Rhodes uit 1970, uitgebracht door Dunhill Records. In een tijd waarin grote studio’s en dure producers de norm waren, deed Rhodes alles zelf: hij zong alle vocalen in en bespeelde elk instrument, van drums en bas tot gitaar en piano. Het album was een artistiek hoogstandje en werd overladen met lovende kritieken. De single “Fresh as a Daisy” bereikte de 54e plaats in de Billboard-hitlijst, en het album zelf klom naar nummer 29. De prachtige melodieën, de loepzuivere harmonieën en zijn stemgeluid deden luisteraars onmiddellijk denken aan Paul McCartney ten tijde van diens eerste solo-album. Nummers als “Somebody Made for Me” en “Lullabye” (dat decennia later schitterde in Wes Andersons film The Royal Tenenbaums) toonden een songwriter op de toppen van zijn kunnen.
De schaduwzijde van het succes: Juridische strijd en stilte
Het succes van zijn debuut bleek echter een tweesnijdend zwaard. Rhodes had een contract getekend bij Dunhill Records dat hem verplichtte om elke zes maanden een nieuw album op te leveren. Voor een perfectionistische eenmansband die elk spoor zelf moest inspelen en mixen, was dit een onmogelijke opgave. Ondanks de immense druk slaagde hij erin om de albums Mirror (1971) en Farewell to Paradise (1973) uit te brengen. De artistieke kwaliteit bleef hoog, maar de fysieke en mentale tol was loodzwaar. Toen Rhodes de onrealistische deadlines niet meer kon halen, klaagde Dunhill hem aan wegens contractbreuk en hield de maatschappij zijn royalty’s in. Gedesillusioneerd en financieel geruïneerd besloot Rhodes op slechts 24-jarige leeftijd de schijnwerpers definitief achter zich te laten. Hij stopte met optreden en nam een baan achter de schermen. Hij werkte jarenlang als opnametechnicus en vaste producer voor Elektra Records, waar hij zijn technische precisie inzette om andere artiesten te helpen, terwijl zijn eigen microfoon decennialang uitbleef.
Een onverwachte terugkeer en een blijvende erfenis
Vier decennia lang bleef het stil rondom de kluizenaar van Hawthorne. Er ontstond een ware cultstatus rond zijn persoon; platenverzamelaars en powerpop-liefhebbers zochten koortsachtig naar zijn zeldzame vinylplaten. Pas in 2016, maar liefst 43 jaar na zijn laatste solo-album, maakte Rhodes een even onwaarschijnlijke als triomfantelijke comeback met het album Rainbow Ends. Onder leiding van producer Chris Price en met de steun van bewonderaars zoals Aimee Mann, Jon Brion en Susanna Hoffs (The Bangles), liet Rhodes horen dat zijn melodische gaven de tand des tijds moeiteloos hadden doorstaan. Het album was een melancholisch, wijs en teder meesterwerk dat zijn unieke carrière op een waardige manier afsloot. Emitt Rhodes was een pionier in de puurste zin van het woord. Zonder zijn pionierswerk in die garage in Hawthorne had de moderne indiepop, geleid door artiesten die thuis op hun computer muziek opnemen, er heel anders uitgezien. We nemen afscheid van een bescheiden genie dat ons herinnert aan de pure magie van een perfect geschreven popliedje. Rust zacht, Emitt.
