Love You Till Tuesday van David Bowie — wel de Tipparade, nooit de Top 40
Een vroege glimp van een icoon
Het is 1967. De wereld staat op het punt te kantelen. De ‘Summer of Love’ domineert de krantenkoppen en de popmuziek ondergaat een metamorfose van de brave beat naar het experimentele psychedelische geluid. Midden in deze kolkende tijdgeest probeert een jonge, ambitieuze muzikant uit Londen zijn stempel te drukken. Zijn naam: David Bowie. Voordat hij de wereld zou veroveren als Ziggy Stardust of de Thin White Duke, zocht hij nog naar zijn eigen identiteit. In die zoektocht verscheen in april 1967 de single ‘Love You Till Tuesday’. Een charmant, bijna naïef liedje dat vandaag de dag wordt gezien als een fascinerend artefact uit de pre-Bowie-periode, maar dat destijds slechts een voetnoot bleef in de Nederlandse hitgeschiedenis.
De Tipparade als springplank
In Nederland werd ‘Love You Till Tuesday’ met enige nieuwsgierigheid ontvangen. Het nummer wist de Tipparade te bereiken, het prestigieuze voorportaal van de Nederlandse Top 40. Voor een opkomende artiest was dit destijds een teken dat er potentieel was, een erkenning van het vakmanschap in het arrangement en de melodielijn. Toch bleef de grote doorbraak naar de Top 40 zelf uit. Het nummer bleef steken in de wachtkamer van het hitparadegeweld. Het is een pijnlijk, maar herkenbaar lot voor veel singles uit die tijd: net genoeg airplay voor de Tipparade, maar niet de massale steun die nodig was om de landelijke hitlijsten te bestormen.
Waarom bleef de deur naar de Top 40 gesloten?
De vraag waarom ‘Love You Till Tuesday’ de Top 40 niet bereikte, laat zich door verschillende factoren verklaren. Allereerst was de concurrentie in 1967 moordend. Terwijl Bowie probeerde door te breken met zijn eigenzinnige, bijna cabareteske popstijl, werd de lucht gevuld door giganten als The Beatles, The Rolling Stones en acts als Procol Harum met ‘A Whiter Shade of Pale’. Bowie’s geluid was in 1967 nog niet eenduidig; het balanceerde tussen music-hall, folk en vroege psychedelica. Voor het Nederlandse publiek, dat destijds gewend was aan een specifiek geluid van piratenzenders en de opkomende publieke omroepen, was deze stijl wellicht te eclectisch of simpelweg nog niet ‘Bowie’ genoeg. Bovendien was er in de jaren zestig een enorme drempel voor buitenlandse artiesten die nog geen gevestigde status hadden; zonder enorme marketingmachinerie of een sterke hit in het Verenigd Koninkrijk was het in Nederland ontzettend lastig om voet aan de grond te krijgen.
Een eigenzinnig begin
Het nummer zelf is een opvallende compositie. Geproduceerd door Mike Vernon en voorzien van een strijkersarrangement dat doet denken aan de lichte popmuziek van die tijd, laat het een andere kant van Bowie zien dan we later gewend zouden zijn. Het is niet de rockster die we kennen, maar een artiest die flirt met het narratieve lied. De tekst, waarin hij de romantische verwikkelingen in de week tot aan dinsdag beschrijft, ademt de sfeer van een jongeling die probeert te voldoen aan de conventies van de popliedjesschrijver. Juist dit contrast met zijn latere, meer visionaire werk maakt het nummer voor de verzamelaar en de muziekkenner vandaag de dag zo interessant. Het is de blauwdruk van een creatieve geest die nog alle kanten op kon.
Van vergeten single naar klassieker
Hoewel ‘Love You Till Tuesday’ destijds geen commercieel succes werd, is de status van het nummer in de decennia daarna gegroeid tot die van een cultklassieker. Bowie zelf keek met gemengde gevoelens terug op deze periode, maar de single heeft inmiddels een vaste plek veroverd in de canon van zijn vroege werk. In 1969 werd er zelfs een korte promotiefilm gemaakt onder dezelfde titel, waarin Bowie verschillende van zijn vroege nummers uitvoerde – een vroege poging om zijn artistieke visie ook visueel over te brengen. Het nummer wordt nu gekoesterd door fans die de wortels van het genie willen begrijpen. Het is een herinnering aan het feit dat zelfs een wereldster als David Bowie ooit klein begon, in de Tipparade stond en moest vechten voor elke centimeter airplay. Misschien is dat wel de grootste charme van deze single: het is het bewijs dat succes geen rechte lijn is, maar een grillig pad dat soms begint in de anonimiteit van een hitlijst die het net niet haalde.
Foto van David Bowie: Adam Bielawski, via Wikimedia Commons (CC BY-SA 3.0) (https://commons.wikimedia.org/wiki/File:David-Bowie_Chicago_2002-08-08_photoby_Adam-Bielawski-cropped.jpg)
Het is 1967, de Summer of Love is in volle gang en de popmuziek verandert razendsnel. Midden in die kolkende tijd probeert een jonge Londense muzikant zijn stempel te drukken. Zijn naam: David Bowie. Voordat hij de wereld veroverde als Ziggy Stardust, zocht hij nog naar zijn eigen identiteit. In april van dat jaar verscheen zijn single Love You Till Tuesday. Een charmant, bijna naïef liedje dat vandaag wordt gezien als een fascinerend artefact uit zijn vroege jaren. In Nederland werd het nummer met nieuwsgierigheid ontvangen en bereikte het de Tipparade, het prestigieuze voorportaal van de Top 40. Maar de grote doorbraak bleef uit. De concurrentie van grootheden als The Beatles en Procol Harum was moordend en Bowie’s eclectische stijl tussen music-hall en psychedelica was voor het Nederlandse publiek wellicht nog te onwennig. Toch is het nummer inmiddels uitgegroeid tot een ware cultklassieker. Het herinnert ons eraan dat succes geen rechte lijn is. Zelfs een wereldster als David Bowie begon ooit klein, in de wachtkamer van een hitlijst die hij net niet haalde.
